The Execution of T. Tjhi Toenong on 5 March 1905 — by firing squad, at dawn, on the zeestrand of Lho Seumawé — was the judicial climax of the Meurandeh Paja affair. Arrested at the bivak of Lho Seumawé by luitenant Van Vuuren, investigated, and sentenced to death by the rope, T. Tjhi Toenong had his sentence veranderd by the governor Van Daalen — hij had recht op een waardiger dood — to death by the bullet. The execution, and the oath he extracted from the pregnant Tjoet Meuthia in his last days, set off the second oorlog of Keureutoe — the long pursuit that ended only with the killing of Tjoet Meuthia in 1910.
The arrest
Swart liet dit op voorzichtige wijze doen door luit. Van Vuuren (den huidigen professor) toen de Teukoe op 5 Maart 1905 voor gewone zaken te Lho Seumawé kwam. Er waren in het bivak wat soldaten verdekt opgesteld, en toen T. Tjhi Toenong binnenkwam verzocht Van Vuuren hem, klewang en rentjong af te geven. Hij schrok, doch begreep dat verzet onmogelijk was en gaf zijn wapens over, waarna hij in één der arrestantenkamers bleef opgesloten zoolang het onderzoek duurde. Dit werd gehouden door luit. Van Vuuren die vrij goed Atjehsch sprak, en het toonde de schuld van den Teukoe aan.
The accusation — that T. Tjhi Toenong had been one of the aanleggers of the Meurandeh Paja overval of 26 January 1905 — was complicated by intriges around the oeléëbalang-ship of Keureutoe, where his halfbroer T. Tjhi Bentara held the post T. Tjhi Toenong als aanlegger believed his own. Wie zal zeggen wat waarheid was, en wat leugen.
The sentence changed
Hij werd ter dood veroordeeld, en dit moest natuurlijk de strop zijn, doch Van Daalen, destijds gouverneur, vond het niet behoorlijk dat een Atjeher die altijd een kranig vechter en aanvoerder was geweest, zou worden opgehangen. Hij had recht op een waardiger dood, en Van Daalen veranderde het vonnis in doodstraf door den kogel — a more dignified death. Zentgraff sets the scene with a stanza from Oscar Wilde’s Ballad of Reading Gaol: “And strange it was to see him look So wistfully at the day, And strange it was to think that he Had such debt to pay”.
The last visit from Tjoet Meuthia
In de dagen vóór de executie mocht T. Tjhi Toenong nog bezoek ontvangen van zijn vrouw, en in de bitterheid der laatste dagen van een leven dat hem in een dozijn gevechten niet de kroon van den “sjahid” had geschonken, laaide de haat weer fel uit. Tjoet Meuthia was again pregnant. Hij liet Tjoet Meuthia, die weer zwanger was, zweren dat zij hun zoontje, toen een jaar of vijf oud, zou opvoeden in haat jegens den “kaphé”, en dat zij na zijne executie zou huwen met Pang Nanggroë. Dit zwoer zij hem, en hij wist dat een vrouw met een karakter als het hare dien eed zou houden.
The walk to the zeestrand
In die zekerheid is T. Tjhi Toenong ‘s morgens vroeg geloopen naar het zeestrand bij Lho Seumawé waar hij voor de sectie militairen werd geplaatst die de executie zou uitvoeren. Hij stierf als een man, en hij zal de overtuiging hebben gehad dat de Profeet hem de zegeningen van het paradijs zou schenken, als aan allen die op zijn weg gingen. The grave at the zeestrand of Lho Seumawé was photographed by Zentgraff — Graven van den op het zeestrand van Lho Seumawé gefusilleerden T. Tjhi Toenong, vader van het “adelaarsjong”, en van Tgk. di Boeah, een zijner panglima’s.
The aftermath
Zijn zwangere vrouw bleef met hun zoontje achter, en dit was naar Atjehsche opvattingen nu de rechthebbende op het oeléëbalangschap van het rijke en mooie land Keureutoe. The position of T. Tjhi Bentara werd onmogelijk. After forty-four days of madeuëng — the berooken of the new mother — Tjoet Meuthia sent word to Pang Nanggroë that she was ready; in September 1905 the bende came down from the mountains to fetch her and the adelaarsjong. The second oorlog of Keureutoe had begun.
Significance
Het fusilleeren van T. Tjhi Toenong is the hinge of the Keureutoe cycle. From his execution descended the resistance of Pang Nanggroë and Tjoet Meuthia, the elevation of the boy T. Radja Sabi to oeléëbalang in the mountains, the long colonne-matjan repression of Christoffel in 1907–1908, and — almost twelve years later — the mystification of the false T. Radja Sabi. The waardiger dood was, Zentgraff implies, Van Daalen’s one magnanimous gesture in the whole affair.
See Also
- T. Tjhi Toenong
- Tjoet Meuthia
- T. Radja Sabi
- Pang Nanggroë
- T. Tjhi Bentara
- G.C.E. van Daalen
- H.N.A. Swart
- Lho Seumawé
- Keureutoe
- Meurandeh Paja massacre (1905)
- Colonne Matjan
- False T. Radja Sabi (1913)
- Death of Tjoet Meuthia (1910)
- Sjahid
- Prang sabil
- Aceh War
- 1905
Source
Atjeh, door H.C. Zentgraff. Gedrukt bij Drukkerij “De Unie”, 1938, Batavia. OCR-filename: 20260709_002148_DLP-81-Atjeh_OCR.txt.