Van der Heyden’s Samalangan campaign — the military campaign conducted by Generaal Van der Heyden against the rijk of Samalangan, east of Atjeh, at some point after his appointment as opperbevelhebber in Atjeh in 1875 (the school-textbook does not give a specific date, but the campaign is usually dated to 1878) — is the staff history’s principal instance of the Dutch stoutheid (boldness) of the Atjeh-oorlog’s middle period, and the campaign by which Van der Heyden acquired the byname held van Samalangan (hero of Samalangan). The campaign also cost Van der Heyden his left eye.
The Samalangan campaign
The Wijma school reader records the Samalangan campaign as follows. After the death of J. L. J. H. Pel in 1875, “kreeg generaal Van der Heyden het oppergezag in Atjeh. Hij heeft den bijnaam van held van Samalangan gekregen. Dat rijk ligt naast dat van Atjeh. Nog niet lang was hij opperbevelhebber, of hij trok met een sterke krijgsmacht tegen Samalangan op.”
The school reader records the decisive moment of the campaign: “Terwijl een gedeelte van zijn soldaten den grootsten kampong van dat land aantastte, overviel hun eensklaps een groote vrees, en deinsden zij in verwarring terug. Dadelijk ging Van der Heyden naar hen toe. Hij plaatste zich aan hun hoofd en sprak een paar opwekkende woorden tot hen. Dat hielp, en onder een luid hoera volgden zij hun bevelhebber en veroverden de versterking. Die stoutheid kostte den dapperen aanvoerder het linkeroog. Een geweerkogel nam dit weg.”
The campaign is thus framed as a Dutch tegenslag (the troops’ initial retreat in groote vrees) transformed by Van der Heyden’s personal intervention — his opwekkende woorden and his personal leadership at the head of the troops — into a zege (the verovering of the versterking). The cost was Van der Heyden’s left eye, lost to a geweerkogel.
Significance
Van der Heyden’s Samalangan campaign is, in the school-textbook narrative, the staff history’s principal instance of the Dutch stoutheid of the Atjeh-oorlog’s middle period, and the campaign by which Van der Heyden acquired the byname held van Samalangan. The school reader’s emphasis on Van der Heyden’s personal intervention — his opwekkende woorden and his personal leadership at the head of the troops — frames Van der Heyden as the staff history’s principal instance of the Dutch general whose personal stoutheid turned a tegenslag into a zege. The loss of Van der Heyden’s left eye is the staff history’s principal instance of the personal cost of the stoutheid — the physical mark of the held van Samalangan.
See Also
- De Kleine Oosterling
- Generaal Van der Heyden
- Governorship of General Van der Heyden
- Samalangan
- Atjeh War
- Kolonel Pel
- 1878
Source
De Kleine Oosterling — Iets uit de Geschiedenis van Nederlandsch-Indië. Leesboekje voor de Lagere Scholen, door J. Wijma, Tweede Druk (Kampen: Laurens van Hulst, 1901), Les 38 (“Een nieuwe stad”).