Daja-rivier was the river near whose mouth, at a holy grave, lieutenant C. A. Snell destroyed the united bands of Nja’ Ali and Nja’ Asém on 5 August 1914.

Reeds op 5 Augustus overviel de marechaussee-commandant in Daja, luitenant Snell, na een keurig voorbereide actie, op het heilige graf nabij de monding van de Daja-rivier de aldaar vereenigde benden, waarbij 15 bendeleden sneuvelden, onder wie beide bendehoofden (“band-leaders”) Nja’ Ali en Nja’ Asém, terwijl de door de Dajacolonne verloren repeteerkarabijnen en het Mausergeweer van den opzichter werden buitgemaakt.

See Also

Source

Generaal Swart, Pacificator van Atjeh (“General Swart, Pacifier of Atjeh”), by M. H. du Croo, Colonel K.N.I.L. (retired), with the collaboration of H. J. Schmidt, Titular Colonel K.N.I.L. (retired), with a foreword by His Excellency Lieutenant-General K.N.I.L. (retired) G. K. Dijkstra (Maastricht: N.V. Leiter-Nypels, 1943), Chapter XII.