The Roll of Honour of Officers fallen in the Aceh War printed at the end of Mr. P. Brooshooft’s Brooshooft (1886) (Utrecht, 1886) lists by name, rank, and date every Dutch officer who was killed in action or died of wounds received in action against the Acehnese between the beginning of the first expedition in April 1873 and May 1886. It is one of the most accessible contemporary printed necrologies for the first thirteen years of the Atjeh War.

Origin

In his Voorwoord (foreword, dated 14 December 1886), Brooshooft explained:

“Achter ons werk zal men vinden eene opgave van de in den Atjeh-oorlog gesneuvelde of aan hunne wonden overledene officieren. Het was ons voornemen, daarbij nog eene lijst te voegen van allen, die wegens daden van buitengewonen moed in dezen oorlog eenig onderscheidingsteeken hebben veroverd, hetzij de Militaire Willemsorde, hetzij een eeresabel, hetzij eene eervolle vermelding. Ons, naar de afspraak met den uitgever toch reeds overschreden, bestek liet echter de opname van deze omvangrijke lijst niet toe.”

He had originally planned a second list of all those decorated for acts of exceptional bravery (Military Willemsorde, honorary sabre, or honourable mention), but the size agreed with the publisher forced him to omit it; he instead attempted, within the narrative, to highlight the brave deeds he was able to learn about, while apologising that the difficulty of collecting particulars meant many deserving men would not be individually named.

Entries

The list covers, in order, the following officers (as printed in the original; spellings are Brooshooft’s):

DateName and rankPlace / circumstances
14 April 1873J. H. R. Köhler, Generaal-majoor, opperbevelhebber land- en zeemacht (1ste expeditie)Gesneuveld te Atjeh (bij de Missigit)
14 April 1873J. Vogelenzang, 1ste luitenant der infanterieIdem
15 April 1873J. Surber, 1ste luitenant der infanterieIdem
18 April 1873G. H. J. Gandenbergel, 2de luitenant der infanterieOverleden aan de gevolgen eener op 16 April ontvangen wond, te Atjeh
2 May 1873C. E. Sepp, kapitein der infanterieOp reis van Atjeh naar Batavia
14 December 1873J. H. A. van Daalen, 2de luitenant der infanterieGesneuveld in het bivak te Moesapi (Atjeh)
18 December 1873W. H. Voorman, kapitein der infanterieOverleden aan eene op 14 December te Atjeh bekomen wond, op reis van Atjeh naar Batavia
25 December 1873J. A. L. Schoenmarckers, 1ste luitenant der infanterieBij den aanval op de versterkte kampongs Lemboe en Langgoegoep (Atjeh)
26 December 1873P. T. la Fors, kapitein der infanterieBij eene verkenning uit Penajoeng (Atjeh)
7 January 1874W. C. H. Eremmout, kapitein der infanterieOverleden aan eene op 16 December 1873 te Atjeh bekomen wond, op reis van Atjeh naar Padang
13 January 1874G. A. Raaijmakers, 1ste luitenant der infanterieOverleden aan de gevolgen van op dien dag bekomen wonden, in de veldambulance te Penajoeng
29 January 1874van Leeuwen, 1ste luitenant der infanterieOverleden aan eene op dien dag bekomen wond, te Penajoeng
3 February 1874J. S. van Busterveld, 1ste luitenant der infanterieOverleden aan de gevolgen eener op 29 January te Atjeh bekomen wond, op reis van Atjeh naar Padang
15 February 1874A. P. A. A. F. Baron de Bounam de Ruckholt, 1ste luitenant der infanterieIn het bivak te Penajoeng
3 March 1874W. C. Tun, 1ste luitenant der cavalerieOverleden aan eene op 15 February bekomen wond, op reis van Atjeh naar Padang
March 1874P. P. E. F. A. von Mauntz, kapitein der infanterieOverleden aan de gevolgen eener op 6 January te Atjeh bekomen wond, te Padang
19 March 1874G. C. J. Hemmes, 2de luitenant der infanterieTe Padang
24 April 1874H. Kuyper, 1ste luitenant der artillerieOverleden aan de gevolgen eener op 15 February te Atjeh bekomen wond, in het hospitaal te Oenarang
27 June 1874D. G. Baron Sloet van Zwanenburg, 1ste luitenant der infanterieTe Kota Radja
9 July 1874W. L. von Massow, 1ste luitenant der infanterieTe Kota Radja
10 July 1874C. J. Zwager, 2de luitenant der artillerieTe Kota Radja
6 November 1874F. A. Begemann, 1ste luitenant der infanterieTe Kota Radja
31 December 1874J. Muller, 1ste luit-kwartiermeesterGesneuveld bij de affaire te Longbatta (Atjeh)
22 February 1875J. A. J. T. E. Esser, 2de luitenant der infanterieTe Kota Radja
9 April 1875H. J. Dauzon, kapitein der infanterieOp reis van Atjeh naar Batavia
2 May 1875E. G. T. von Ende, 1ste luitenant der infanterieTe Kota Radja
25 July 1875A. G. Schröder, 2de luitenant der artillerieTe Kota Radja
4 September 1875J. C. M. Wijmer, 1ste luitenant der infanterieTe Longbatta Zuid
26 December 1875J. W. Ernste, 1ste luitenant-adjudant der infanterieTe Kota Radja
1 January 1876F. J. W. Mekern, majoor der infanterieTe Kota Radja
17 January 1876G. C. C. Senmerracher, 1ste luitenant der infanterieBij het afdalen in de IV Moekims, in de kloof van Blang-Kallan
24 January 1876W. D. C. Regensburg, 1ste luitenant der infanterieBij een nachtelijken aanval op de versterking te Lemboe
5 February 1876J. A. van der Kruk, kapitein der artillerieTe Lampenehen
13 February 1876J. M. E. van Swieten, kapitein der infanterie, and L. F. Baudoin, 2de luitenant der infanterieTusschen Pagger-Ajer en Atoe / te Atoe
15 February 1876J. van der Pauwert, kapitein der infanterieTe Koijoe-Lohi
22 March 1876G. W. Beckman, 2de luitenant der infanterieTe Kota Radja
1 April 1876Thr. A. Wttewael van Stoetwegen, kapitein der infanterieTe Kota Radja
3 May 1876J. W. C. C. Holink van Papendrecht, kapitein der infanterie and N. van de Roemer, 1ste luitenant der infanterieTe Lampagger
27 September 1876J. H. Nudsink, kapitein der infanterieTe Panteh-Perak
22 January 1877J. B. A. Wolfe, officier van gezondheid 2de klasseTe Silang
22 June 1877A. J. Hoven, 2de luitenant der infanterieTe Blang-Ni
11 August 1877J. Lotenga, kapitein der infanterie and H. J. Jonker, kapitein der infanterieTe Samalanga
26 August 1877J. L. Grandpré Molière, 1ste luitenant der artillerie and F. W. Bröker, 1ste luitenant der infanterieTe Samalanga
13 May 1878T. C. V. de Steenhuissen, kapitein der infanterieTe Segli
19 June 1878A. H. Kalis, 1ste luitenant der infanterieTe Gedoeng
29 June 1878P. Haupt, 2de luitenant der infanterieTe Glitaroem
1 July 1878F. Cassa, kapitein der artillerieTe Panteh-Perak
3 August 1878E. C. Ontrop, 2de luitenant der infanterieTe Panteh-Perak
17 August 1878H. E. Schoggers, kapitein der infanterie and T. A. E. Auffmorth, 2de luitenant der infanterieTe Lambaroe
6 May 1879J. J. G. Schuit, 1ste luitenant der infanterieTe Panteh-Karang
7 May 1879J. J. van Berg, kapitein der infanterieIn het bivak Pieng
15 July 1880G. J. C. Verkuil, 2de luitenant der infanterieTe Samalanga
8 August 1882C. L. Neehuis, 2de luitenant der infanterieTe Pajaoe
24 November 1882L. F. Botter, kapitein der infanterieTe Panteh-Karang
30 August 1883J. J. F. van Bennekom, 1ste luitenant der infanterieTe Oleh-Moh
2 October 1883L. Thonus, 1ste luitenant der infanterieTe Lepong
8 January 1884H. Snuder, 1ste luitenant der infanterieBij het nemen van de Gedei te Tenom; vermist, later uit de Kroeng-oen opgehaald met klewanghouwen
5 September 1884F. F. R. Graaf du Monceau, 2de luitenant der artillerieTe Lampermeij
17 December 1884P. C. G. Hissink, 1ste luitenant der infanterieIn de Kampong Rahad
1 January 1885E. L. Kerrebin, 2de luitenant der infanterieTe Anak-Bate
14 March 1885? (Brooshooft lists as such)J. Burg, kapitein der infanterieIn de VI Moekims
18 May 1886D. J. Schiper, 1ste luitenant der infanterieOverleden aan wonden, te Panteh-Perak

Use

Brooshooft’s list is a compact, printed, contemporary necrology and is frequently cited by later writers on the Aceh War for the 1873–1886 period. It complements the more detailed official casualties statistics he cites for the second expedition alone (28 officers and 1,024 other ranks dead from combat and disease; 52 officers and 1,181 other ranks evacuated; 65 officers and 699 other ranks wounded, out of 385 officers and just under 8,000 men).

See Also

Source

Brooshooft, Mr. P. Geschiedenis van den Atjeh-oorlog 1873–1886. Utrecht: F. B. van Ditmar, 1886, “Opgave der gedurende den Atjeh-oorlog gesneuvelde, of aan voor den vijand bekomen wonden overleden, officieren,” pp. 305–310 of the OCR.