Sarong was the wrapped garment worn about the loins throughout the archipelago and in Atjeh.
P. H. R. Beuming records it in his description of the sharpshooter of Biloel, the Acehnese marksman killed at dawn before the post of Biloel. He was een lange, stevig gebouwde kerel met baardeloos gelaat. Zijn kleeding bestond slechts uit een lange zwarte pantalon, en om de lendenen droeg hij een korte sarong. Het hoofd was gedekt met een Atjehsche fez — a tall, strongly built fellow with a beardless face, dressed only in long black trousers, with a short sarong about the loins and an Acehnese fez on his head. About his naked upper body hung a cartridge pouch of the Dutch troops’ pattern, and in his right hand he carried a Beaumont rifle.
See Also
Source
Schetsen uit den strijd op Groot-Atjeh, met speciaal vervaardigde kaart en toepasselijke photo’s, bewerkt door P. H. R. Beuming, oud-onderofficier van het Ned.-Indische Leger (Amsterdam, December 1911; uitgegeven ten bate van het te stichten Herstellingsoord voor Rijks-Ambtenaren). Koninklijk Instituut voor de Tropen, Br N 82-144
Acknowledgement of sources. The material in this article derives from Schetsen uit den strijd op Groot-Atjeh, met speciaal vervaardigde kaart en toepasselijke photo’s, bewerkt door P. H. R. Beuming, oud-onderofficier van het Ned.-Indische Leger (Amsterdam, December 1911). Dutch passages are quoted in the original with an English rendering.